Syriërs voor Venlo – Talal

Talal “Ik ben geboren en opgegroeid in Damascus. Ik heb negen jaar in het Verenigd Koninkrijk gewoond om te studeren en te werken. Ik volgde ook een training als koffiespecialist in Italië. In 2007 ging ik terug naar Syrië. Ik werkte als manager van een koffieketen voor een internationale bedrijf. In 2011 werd het al onrustig in Syrië. Ik ben toen gebleven omdat ik dacht dat het wel mee zou vallen. In 2014 werd het echt gevaarlijk. Ik besloot te vluchten en te zorgen dat mijn vrouw en twee kinderen later konden overkomen. De oversteek van Turkije naar Griekenland was een van de moeilijkste dingen. De eerste paar keer was het niet mogelijk om aan boord te komen van de boot naar Griekenland. Vluchten is verboden dus er was veel controle bij de haven. Ik sliep met een heleboel andere Syriërs in een motel in de buurt van de haven. We wachtten allemaal op het moment dat we te horen kregen dat we aan boord mochten. Op een nacht kwam een van de smokkelaars naar het motel om te vertellen dat we gingen vertrekken. We moesten snel zijn en zoveel mogelijk spullen achterlaten. Alleen de belangrijkste spullen mochten mee. Met een klein bootje gingen we aan boord van een grotere boot. Er was plek voor dertig tot veertig mensen, maar er waren denk ik wel honderd mensen. Toen we bijna in Griekenland waren moesten we weer overstappen in een kleinere boot om bij de kust te komen. Onderweg kwam er water in de boot. Mensen raakten in paniek en begonnen het water uit de boot te scheppen. De laatste honderden meters heb ik gezwommen om aan land te komen. Er waren vrouwen en kinderen die niet konden zwemmen en iedereen hielp elkaar om aan land te komen. Het moeilijkste punt was eenmaal aan land. Er was geen strand of kade maar alleen enorme rotsen die we omhoog moesten klimmen om bij een weg uit te komen. Ook bleek dat we waren aangekomen in zwaar bewaakt gebied. Het kostte ons zes uur om de rotsen op te klimmen. Er waren maar vijf mensen die het haalden. De rest bleef beneden op de rotsen en is waarschijnlijk meegenomen door de militairen en door de Griekse politie. De tijd in Griekenland was een onzekere periode omdat niemand wist waar we naartoe konden. Ik heb vanuit Griekenland zes keer geprobeerd om naar Engeland te vliegen, want daar zou ik mijn oude leven makkelijker kunnen oppakken. Alle keren werd ik bij de douane vastgehouden en mocht ik niet vertrekken. Toen ben ik gaan lopen naar de grens met Macedonië. Het was overal heel streng bewaakt. Er was een klein hotel in de buurt van de grens. Officieel mag je als vluchteling geen kamer boeken maar ik hielp samen met twee vrienden de hoteleigenaar met schoonmaken in ruil voor een slaapplek. We wachtten constant op een kans om de grens over te steken. Het is een paar keer mislukt en een keer werd er zelfs geschoten door de politie. Uiteindelijk lukte het om via een dorpje de grens met Macedonië over te steken. Via de bergen zijn we naar Servië gelopen. Via verschillende smokkelaars kwamen we in Hongarije terecht. Eenmaal daar hebben we zeventien dagen gelopen. We liepen niet op straten of langs de weg omdat we bang waren om opgepakt te worden. ’s Nachts liepen we en overdag sliepen we in de bossen. Het was ijskoud en heel gevaarlijk. Onderweg is er geld gestolen. Er waren mensen die wisten dat we ’s nachts onderweg waren in het bos en in de bergen en die mensen waren erop uit om ons te beroven. In totaal heeft de hele vlucht vier maanden geduurd. Toen ik tien maanden in Nederland was, kreeg ik een officiële status en mochten mijn vrouw en kinderen overkomen met het vliegtuig. Het was geweldig om elkaar weer te zien en om allemaal weer veilig te zijn. Mijn kinderen zijn nu zeven en vijf en gaan hier naar school. Ze spreken al goed Nederlands. Mijn vrouw was in Syrië coach van het nationale vrouwen basketbalteam. Ze wacht nu op de uitslag van haar inburgeringsexamen en hoopt snel werk te vinden. Samen met andere Syriërs in Venlo heb ik een groep opgericht en doen we samen met een groep Venlonaren mee aan maatschappelijke activiteiten. Hierdoor leren we Nederland beter kennen en bouwen we ook een netwerk op. Momenteel werk ik aan mijn toekomst en probeer ik via mijn netwerk bedrijfsmanager te worden van een nieuwe horecazaak in Maastricht.”