Siham – Marie

Marie “Ik kom uit een stad in het noorden van Syrië. Ik heb Engels gestudeerd aan de universiteit van Aleppo. Na mijn studie werkte ik als docent Engels. Ik woonde met mijn man en twee dochters en we hadden een fijn leven. In 2011 brak de oorlog uit. In het begin merkte we er nog niet zoveel van maar op een gegeven moment werd het steeds moeilijker om aan eten te komen. We werden steeds banger en hoorden via via de verhalen uit de steden waar heftig gevochten werd. Op een dag zagen we allemaal mensen onze stad binnenlopen. Complete families met tassen vol spullen kwamen te voet onze kant op. Ze vertelden dat IS hun stad was binnengevallen en dat onze stad de volgende zou zijn. Op dat moment hebben we besloten te vluchten. We wilden met het hele gezin het land uit. Niet één voor één zoals sommige gezinnen deden. We spraken met elkaar af: als we gaan dan gaan we samen. We vluchtten naar Turkije en via een smokkelaar zijn we uiteindelijk samen met een ander gezin gevlucht in de laadruimte van een vrachtwagen. Ik was doodsbang. We wisten niet of we de smokkelaar konden vertrouwen en we konden elk moment betrapt worden. We hadden geen idee hoelang we al in de vrachtwagen zaten en wanneer we eruit konden. Uiteindelijk zijn we in Nederland terechtgekomen. Hier zijn we van het ene naar het andere asielzoekerscentrum verhuisd en uiteindelijk kregen we een huis in Horst. Het moment dat we voor het eerst ons huis binnengingen was voor mij een van de mooiste momenten uit mijn leven. Na jaren hadden we eindelijk weer een eigen plek die we ‘thuis’ konden noemen. Ik heb momenteel geen baan maar ik doe veel vrijwilligerswerk, onder andere in de kerk. Ik ga twee keer per week naar de Nederlandse lessen van SIHAM. Ik heb al veel geleerd maar ik zou graag nog beter Nederlands willen leren spreken. Mijn dochters kunnen al heel goed Nederlands en verbeteren me altijd. Ze pakken het veel sneller op dan mijn man en ik. Toch blijf ik elke dag werken aan mijn Nederlands. Ik grijp alle mogelijkheden om te oefenen aan en ik hoop over een paar jaar vloeiend Nederlands te kunnen spreken.”